Adrianus Hermanus Schelling

Powered by vir2biz

Persoonsgegevens

VoornaamAdrianus Hermanus
InitialenA.H.
AchternaamSchelling
GeslachtMan
Geboren31-03-1887 in Stompwijk.

Gearresteerd doorSD
Reden arrestatieverzet
Gearresteerd inGroningen kantoor prov. Waterstaat
Gearresteerd op15-11-1944
VerzetsgroepNSF

 

Neuengamme

Aangekomen op18-01-1945
Vervoermiddeltrein
Vanaf plaatsGroningen

Detentiegeschiedenis

Groningen, Scholtenshuis, vanaf 15-11-1944 tot 18-11-1944
Groningen, HvB, vanaf 18-11-1944 tot 1944-12

Kampen

Neuengamme

Voorkomen in literatuur

Waar vochten zij voor

Ingezonden verhalen over Adrianus Hermanus Schelling

Geschreven door Beheerder van het Digitaal Monument Neuengamme op 21-11-2018

Uit het personeelsorgaan van de provincie Groningen 1966

DE NAMEN OP DE STEEN
Zijn naam is één van de drie, welke zijn gebeiteld in de gedenksteen
in de hal van het provinciehuis. Drie waterstaats—ambtenaren ten offer
gevallen aan het geweld van de bezetters. In het boek "Hoe Groningen
streed" staat achter de naam A.H. Schelling vermeld: N.C. — O.D.
Ir. Schelling was hoofd van de afdeling "Kanalen", waaronder ook de afdeling
"Grondaankoop" ressorteerde. Hij was een zeer viendelijk mens,
zeer correct in zijn optreden, attent in kleine dingen. Grof geschut
was hem vreemd.

Vóór mei 1940 kon niemand vermoeden, dat hij in de ure des gevaars
hard zou kunnen worden; dat hij tijdens de bezetting in de illegaliteit
zou uitgroeien tot een topfiguur. 't Begon met de "Nederlandsche
Unie". Hij werd één van de leden van het driemanschap in de stad Groningen.
Daarna begonnen zijn activiteiten in de illegale organisaties.
't Werd een olievlek. Zeker, daar waren het N.C. (nat. comité van verzet)
en de 0.D. (ordedienst voor na de bevrijding). Er kwamen bij de
L.O. (verzorging van onderduikers), L.O.— K.P. (id.), het N.S.F. (nat.
steunfonds), de inlichtingendienst voor onze regering in Londen.

Er kwamen taken bij als de illegale voedselvoorziening in onze stad en in
de grote steden in het westen, hulp aan de stakende spoorwegmannen en
aan de joodse medeburgers, hulp aan de studenten, het doen vervaardigen
van valse papieren. En daarmede is alles nog niet opgesomd.
Hij stimuleerde het verzet bij de waterstaats—ambtenaren.

Toen de militairen zich moesten melden voor krijgsgevangenschap, riep hij hen bij
zich en sommeerde hen de oproep te negeren. Vooraf had hij zich overtuigd,
dat bij de militaire instanties de lijsten met namen waren vernietigd
en dat op het gemeentelijke bureau voor militaire zaken niet meer genoteerd stond,
wie in militaire dienst was geweest. Niemand heeft zich gemeld; niemand werd dus geregistreerd.

De organisatie "Todt" riep alle mannen op voor het graven van tankvallen en putjes.
Weer riep ir. Schelling zijn mensen bijeen. Hij was onverbiddelijk.
Meedoen aan dat werk zou de bevrijding op een afstand houden; hij betitelde
het als verraad. Daarnaast had hij begrip voor hen, wier huiselijke
omstandigheden zo waren, dat zij er niet onderuit konden.Maar
van onze waterstaat heeft niemand gegraven.

Voor een topfiguur in de illegaliteit dreigde elk ogenblik gevaar;
doodsgevaar. En zwakke schakel in de lange ketting van medewerkers
kon fataal zijn. De "verhoren" van de S.D. waren zo beestachtig, dat
alleen figuren met bovenmenselijke geesteskracht konden blijven zwijgen.
Op 11 november 1944 sloeg het noodlot toe. Eén der hoofdverkenners
voor de genoemde inlichtingendienst werd gearresteerd. Daarna
werd de groep grotendeels opgerold. Ondanks een serie beveiligingsmaatregelen
en onderduikmogelijkheid werd ir. Schelling op 14 november 1944
op zijn bureau Martinikerkhof 15 gearresteerd. De klemmende voordeur
maakte het de S.D. mogelijk onverhoeds binnen te vallen de aanwezigen
het pistool op de borst te zetten, het pand te doorzoeken en de zo begeerde topfiguur te grijpen. Alle voorzorgsmaatregelen hadden
gefaald. Waarom is hij niet ondergedoken? Van vele zijden is er op
aangedrongen. Wij weten het niet en ook eigenlijk wel. Zijn plichtsbesef
weerhield hem te verdwijnen.

De sluis te Gaarkeuken, één van zijn werken was gebombardeerd en moest
worden hersteld. En, de 15de november zou de begrafenis plaats vinden
van onze hoofdingenieur, ir. Schilthuis. Ongeveer een maand lang konden
wij, bijna dagelijks, contact met hem hebben door middel van, door gevangenbewaarders
gesmokkelde, briefjes. Medio december 1944 nam de
S.D. de wacht over in het Huis van bewaring en werd dit contact verbroken.

Op 16 januari 1945 werd een groep van ongeveer 150 van onze
mensen, waaronder de heer Schelling, vervoerd naar het concentratiekamp
Neuengamme, nabij Hamburg.
Wij hadden hoop hem na de bevrijding weer te zullen zien. Bij geruchte
vernamen wij, dat Neuengamme "niet zo erg zou zijn". Helaas, spoedig
kwam het bericht, dat een groot gedeelte van onze vrienden was
"overleden" op of omstreeks 2 februari 1945. Ir Schelling was één van
hen. Het was een vreselijke slag voor zijn vrouw en de beide kinderen.
En voor allen, die met hem hebben mogen samenwerken in de dagelijkse
arbeid en in het verzet. Het gezin heeft troost geput uit de zekerheid,
dat het de liefde voor zijn gezin, zijn medemensen en zijn vaderland
is geweest, die hem heeft gedreven naar de grote activiteiten in het
verzet. Zij, die hem hebben gekend zullen hem nooit vergeten

Verhaal insturen

U dient ingelogd te zijn om een verhaal in te sturen.

Inloggen

Foto insturen

U dient ingelogd te zijn om een foto in te sturen.

Inloggen

Wijzigingen doorgeven

U dient ingelogd te zijn om een wijziging/opmerking te versturen.

Inloggen